Web Analytics

BUNDELEN VAN WONINGTYPEN BRENGT TEMPO IN ENERGIETRANSITIE

Verkenning door Peter Linders (Uptempo!)

Spruitjeslucht, eentonig, massaal, onpersoonlijk en saai. Het zijn associaties die men vaak heeft bij de woningbouw en architectuur uit de periode van na de Tweede Wereldoorlog. Het is het directe gevolg van het feit dat er veel woningen in korte tijd en tegen lage kosten moesten worden gebouwd. Deze naoorlogse woningen zijn inmiddels verouderd en aan verbetering toe. Vooral het verduurzamen van deze woningen is een enorme opgave. Door echter deze woningen per type te bundelen, kan de markt hier een projectmatig aanbod voor maken.

Woningnood
Voor we daarop ingaan is het goed om eerst in een breder perspectief naar onze woningvoorraad te kijken. Na de oorlog was de woningnood, zowel in dorpen als steden hoog. Behalve dat de overheid voorrang gaf aan herstel van de infrastructuur en handel, zorgden schaarste aan goede bouwvakkers, geld en materialen ervoor, dat het oplossen van de woningnood (zo kort na de oorlog volksvijand nummer één) maar traag op gang kwam. In de eerste periode liep de woningnood zelfs op vanwege het grote aantal (uitgestelde) huwelijken en de babyboom. Bovendien liep Nederland niet voorop in het toepassen van nieuwe bouwtechnieken. Men bleef immers tot in de jaren vijftig overwegend traditioneel bouwen met gemetselde dragende muren in baksteen of kalkzandsteen en vloeren van houten balken met planken of uit in het werk gestort beton. En dat terwijl de ons omringende landen al op systeembouw waren overgestapt. Pas in de tweede helft van de jaren vijftig kwam de woningproductie in een stroomversnelling en kwamen de typerende en herkenbare wederopbouwwijken tot stand.
Desondanks bleef de echte woningnood nog tot ver in de jaren zestig bestaan.

Toch is er in de wederopbouwperiode (1945-1965) na de Tweede Wereldoorlog in een betrekkelijk korte tijd een ongekende hoeveelheid woningen gebouwd. Zo werd in 1962 de éénmiljoenste naoorlogse woning opgeleverd.

Nieuwe woningtypen
Wat betreft woningbouw lag destijds het accent op het bouwen van betaalbare gezinswoningen; vierlaagse galerijflats met meestal vier- en driekamerappartementen. Maar het is ook de tijd waarin de bouw van rijtjeshuizen met doorzonwoningen een hoge vlucht neemt. Kenmerkend van de doorzonwoning is dat de woonkamer zowel aan de voorgevel als aan de achtergevel grenst zodat vanaf beide kanten (zon)licht binnen valt. Tot eind jaren zeventig van de 20ste eeuw zijn bijna 1,4 miljoen doorzonwoningen in Nederland gebouwd. Bouwers konden kiezen uit standaardwoningen en standaard-plattegronden met kant-en-klare tekeningen en bestekken. Als deze zogeheten keuzeplanwoningen werden gebouwd was men van subsidie verzekerd. Hoewel er dus van seriematige woningbouw sprake was, zijn deze woningen hoofdzakelijk in traditionele bouwtechniek uitgevoerd en veel minder als systeembouw. In de wederopbouwperiode zijn vele duizenden keuzeplanwoningen (later normaalwoningen) gebouwd.

© KMIDB

Amerikastraat 7-11
‘s-Hertogenbosch
Nederland